Reuzenpad
De reuzenpad zit roerloos stil en wacht de dingen af.
Hij is 20 cm. groot, ribbelig en bobbelig en eet bijna alles dat beweegt en niet groter is dan zichzelf.
Padden zijn amfibieën, net als kikkers en salamanders.
Amfibieën zijn landdieren met vier poten. Ze leggen eieren die dril heten en zijn koudbloedig. Hun jeugd brengen amfibieën door in het water.
Kikker- en paddenvisjes hebben kieuwen, vinnen en een lange staart. Volwassen dieren hebben longen, poten en geen staart.
De eitjes, het paddendril, van deze reus zijn giftig.
Achter de kop bij de oorvlek zijn klieren die gif spuiten als de pad bedreigd wordt.
Geen fijn speelkameraadje.
Omdat zij bijna alles eten, heeft men in veel landen de reuzenpad ingevoerd voor de bestrijding in de landbouw van insecten en muizenplagen. Maar ook de inheemse insectenetende kikkers en padden verdwenen in de magen van de reuzenpad. Uiteindelijk hielp het de boeren niet veel.
Zou het verstandig zijn vreemde wilde dieren los te laten om plagen te bestrijden?