Inge van Noortwijk - De tekenares

Wat doe jij voor werk bij Naturalis?
Ik maak wetenschappelijke tekeningen van dieren en planten. Mijn tekeningen staan bij artikelen over het onderzoek dat Naturalis doet, in boeken en tijdschriften. Ze verduidelijken de tekst, ze leggen dingen uit. Een beeld zegt 100.000 x meer dan woorden.

Wat teken je dan bijvoorbeeld?
Heel vaak teken ik insecten. En dan hele kleine. Een sluipwesp bijvoorbeeld is nog kleiner dan een suikerkorrel. Die kun je heel moeilijk duidelijk fotograferen.

Maar hoe kun jij ze dan tekenen?
Heel simpel: ik kijk door een microscoop, maar dan wel een bijzondere. Het is er eentje met twee ogen: een binoculair. Op mijn microscoop zit een tekenspiegel. Met mijn ene oog kijk ik naar het beestje, met mijn andere oog zie ik mijn hand, het papier en mijn potlood. Zo hoef ik niet steeds op te kijken, handig he? Met de microscoop kan ik hele duidelijke tekeningen maken. Bovendien kan ik weglaten wat niet belangrijk is, bijvoorbeeld stof of een zandkorreltje. En ik kan een kapotte vleugel weer heel tekenen. Mijn tekeningen laten de insecten zien alsof ze weer levend zijn, ze staan op hun pootjes en hebben hun vleugels uitgeslagen. Dat is wel bijzonder, want we hebben bij Naturalis natuurlijk alleen maar dode dieren.

tekening van de Arctophila bombiformisWaarom is het belangrijk om die insecten te tekenen?
Op die duidelijke tekeningen kan de wetenschapper goed zien wat voor soort insect het is. En ook of het een nieuwe soort is. Dat is wel kicken, als blijkt dat ik iets gezien heb wat de onderzoeker nog niet ontdekt had. “Zeg Inge, dat pukkeltje zit er niet hoor”, zegt hij dan. En dan zeg ik: “Ja hoor, ik heb het echt gezien, kijk maar.” “Oh. Nou dan moet ik toch even kijken of het niet een nieuwe soort is.” Dat gebeurt best vaak, dat ik door iets te tekenen iets nieuws zie.

Hoe ben je tekenares geworden?
Ik wilde altijd al tekenen. Toen ik heel jong was, wist ik al dat dat mijn beroep zou worden.

Welke school heb je gedaan?
Ik ben naar de Kunstacademie gegaan, naar de illustratie-afdeling. Toen ik op zoek moest naar een stageplaats, zei een docent: “Jij kunt zo mooi fijn tekenen, waarom ga je niet bij een wetenschappelijk instituut stage lopen?”. En zo kwam ik bij Naturalis terecht. Voor Naturalis was het nieuw om iemand van de kunstacademie op die plek te hebben. Er zaten twee tekenaars, maar die hadden een fotografische achtergrond, meer technisch. Ik heb hier verder mijn opleiding gekregen om dieren volgens de werkelijkheid te kunnen tekenen.

Wat vind je zo leuk aan dit werk?
Het leukste vind ik, dat je van een dood lelijk ingekrompen beest een heel mooi levend diertje kunt maken. Het is een hele puzzel soms die ik in elkaar zet. En elk beestje is weer anders. Soms kan ik ze ook in een andere stand tekenen, bijvoorbeeld een libelle die van je wegvliegt. Dat is weer eens iets anders dan van opzij of van bovenaf. Als je alle kenmerken maar goed kunt zien.

Wat is je advies voor kinderen die later ook jouw werk willen doen?
Belangrijk is interesse voor de natuur en dieren. En veel tekenen! Als je zelf iets vindt, een kevertje of een dennenappel, ga het maar tekenen. Je leert er heel goed door kijken.

Heb je nog een tekentip?
Ja! Teken eens een ingewikkeld plaatje na - op zijn kop! Ondersteboven dus. Daarmee haal je de betekenis van wat je ziet weg. Je gaat dan puur de vorm natekenen. Als je niet weet wat het is, dan ga je heel goed kijken. Zo werk ik zelf ook: eerst de vorm, zonder je verstand. Daarna komt je kennis over het onderwerp er pas bij, voor de details. Iedereen kan tekenen, maar je verstand moet eerst worden uitgeschakeld!

Inge van NoortwijkWat is je favoriete object in het museum?
Het mooiste in het museum vind ik de ronde glazen wand in het Natuurtheater. Je hebt de hele natuur om je heen, bladeren, insecten; je loopt door een tunnel in de natuur, prachtig!

Stel zelf een vraag aan Inge! Mail je vraag naar .(JavaScript must be enabled to view this email address)